Het oostelijke deel van de Buiten Oranjepolder was tot eind jaren 70 een min of meer onbereikbaar, agrarisch gebied. Het is het gebied dat omsloten werd door de Oranjedijk, Schenkeldijk, spoorlijn en Spuidijkje. Mijn vader noemde het gebied ‘De Stikke’ maar wist niet waar die naam vandaan kwam. Tot op heden is dat een mysterie maar wellicht is het een verbastering van de oude naam ‘De Wilde Stukken’, een term die op oude kaarten voor komt. Het is het gebied waar oorspronkelijk ‘De Rel’ en ‘Amersgat’ uitmondden in de Maas. En omdat het toen een natuurlijk getijdengebied was was er 2 maal daags een in- en uitstroom van rivierwater. Mogelijk dat het daar niet zonder gevaar was.

Ten tijde van de inpoldering van de Oranjepolder, ruim 400 jaar geleden, ontstonden er aan de randen nieuwe landschappen. Maar omdat de loop van de Maas nog niet hoog bedijkt was én de Rel nog een natuurlijke beek was én er getijdenwerking was ontstond er richting Poortershaven een moerasachtig gebied. Mogelijk zelfs een rijk estuarium. De term ‘De Wilde Landen’ werd hier aan gegeven.

Een andere kaart, waarop een groter stuk van het land is te zien, spreekt van ‘Wilde Land Stukken’. Ook de benaming ‘Polderhaak’ komt hier voor.

Na de inpoldering van de resterende moerassige landen en de verkaveling wordt zelfs de term ‘De Stukken’ genoteerd.

Rond 1850, dus vlak voor het graven van de Nieuwe Waterweg, is de situatie uitgekristalliseerd.

Aan het begin van de 20e eeuw waren het Spuidijkje en de Polderhaakweg slecht begaanbare en onverharde zandpaden. Maar er was nog een pad, dat liep van het begin van de Polderhaakweg richting het spoor en vervolgens naar Poortershaven. Mijn vader liep over dat pad naar de toenmalige halte Poortershaven en nam daar de trein naar Maassluis. Als 8 jarig kind liep hij daar een half uur over.

Rond 1950 was vrijwel alle land in gebruik als prima, agrarisch cultuurland, met een mix van zand tot zware klei.

En daarna gebeurden er 2 rigoureuze zaken. Ten eerste wordt een groot deel van het zuidelijke gebied volgestort met havenslib. Ter plaatse komt het land dan ruim 3 meter boven NAP. En ten tweede wordt bij Poortershaven een aanzienlijk gebied uitgegraven. Dat gebied bestond uit een van oorsprong natuurlijke zandbedding. Waar het zand naar toe is verplaatst is mij niet duidelijk. In ieder geval wordt het gebied nu aangeduid als ‘Oranjeplassen’ en heeft het een recreatieve waarde.

De laatste metamorfose betreft de aanleg van fietspaden. In de jaren 90 onderaan de Oranjedijk richting de Schenkeldijk. En rond 2010 een fietspad vanaf het Spuidijkje richting de Oranjeplassen. En hiermee werd het gebied recreatief ontsloten.
